2.2 Samen groeien
2.2.1 Een werkplek voor iedereen
Afgelopen jaar keken we opnieuw naar hoe we barrières kunnen wegnemen, zodat álle collega’s volwaardig kunnen meedoen. Daarom testten we SpeakSee: een systeem dat gesproken taal omzet in tekst en vertaalt naar meer dan veertig talen. Collega’s die Nederlands als tweede of derde taal spreken, konden bijeenkomsten hierdoor volledig in hun eigen taal volgen. Zij gaven aan zich zekerder te voelen om hun mening te delen. Een kleine stap waarmee we bijdragen aan een werkplek waarin iedereen zich welkom en gerespecteerd voelt.
Een eeuw lang zorgen dat iedereen kan meedoen
Al sinds 1925 staat werk bij ons voor meer dan techniek. We gaan voor een cultuur waarin zorgen voor elkaar en gelijkwaardigheid leidend zijn. Die overtuiging loopt als een draad door onze geschiedenis. De oprichting van Gedie in 1987 is daar een tastbaar voorbeeld van: zorgen voor elkaar, generaties lang.
Gedie: al sinds 1987 een plek waar iedereen telt
Bij Gedie zie je misschien wel het duidelijkst wat honderd jaar zorgen voor elkaar betekent: met aandacht werken aan mens én werk. De werkplaats werd in 1987 opgericht door Reind Breman, vanuit de overtuiging dat iedereen een plek verdient waar je met trots kunt werken. Die gedachte werd in 1994 versterkt met de Bremanregeling, waarmee collega’s met een beperking een passend inkomen verdienen. In het krantenartikel over twintig jaar samenwerken met Wajongcollega’s wordt zichtbaar hoe vanzelfsprekend dat voor ons is. Sommige collega’s werken er al tientallen jaren; anderen stromen door naar andere vestigingen. Altijd met begeleiding en aandacht voor wat iemand nodig heeft.
Werk met aandacht: wat Gedie elke dag voor ons betekent
In 2025 groeide Gedie uit tot een zichtbare en waardevolle schakel binnen onze groep. Steeds meer vestigingen vonden hun weg naar de werkplaats met concrete opdrachten. Zo pakten de collega’s paaspakketten in, voorzagen zij meer dan duizend Monopolyspellen van stickers en verzonden ze voor het honderdjarig bestaan, en maakten zij labels vast aan mutsen voor basisscholen in Genemuiden.
Het zijn herkenbare, echte opdrachten die bijdragen aan het werk van de hele organisatie. Vestigingsmanager Marja Eenkhoorn zegt het treffend: “Onze collega’s van Gedie dragen hun werkkleding met ongelooflijke trots.” Deze trots zie je terug in rustige routines, precies werk en lange dienstverbanden.
Wat dit opleverde in 2025
De twintig werkplekken bij Gedie waren ook in 2025 volledig bezet. Het gemiddeld aantal dienstjaren nam opnieuw toe. Een teken dat collega’s zich hier veilig voelen en willen blijven. We weten dat er op meerdere vestigingen collega’s werken met een afstand tot de arbeidsmarkt, maar die aantallen kunnen we niet registreren vanwege privacy. Inclusie blijkt bij ons daarom niet alleen uit cijfers, maar vooral uit hoe we al generaties samen werken.
De cijfers achter een stabiele en vertrouwde werkplek
| Indicator | 2025 | 2024 | Referentie |
|---|---|---|---|
| Gemiddeld aantal dienstjaren | 24,5 | 23,5 | Vrijwillig |
| Collega’s bij Gedie | 20 | 20 | Vrijwillig |
Waarom deze cijfers ertoe doen
De stijging in dienstjaren en de stabiele bezetting bevestigen wat collega's dagelijks ervaren: Gedie voelt als een veilige en vertrouwde plek. Gedie is een bron van menselijkheid en een voorbeeld voor onze hele groep.

Stappen die een grote beweging op gang brengen
Ruimte maken om mee te doen
We realiseerden meer instroom van statushouders via werkervaringsplekken en een 20-wekenprogramma. Daarnaast sloten we ons aan bij het Werkgeverscollectief Statushouders waarin werkgevers in samenwerking met Gemeente Zwolle de uitdagingen rondom een inclusieve arbeidsmarkt aangaan.
Leren van de praktijk in de techniek
Ook werkten we in 2025 samen in het Europees gesubsidieerde traject Technisch Gezien, met onder meer TNO, Alliander en Gasunie. Dit traject richt zich op het verbeteren van de instroom en het behoud van vrouwen in de techniek. Om beter te begrijpen wat vrouwen in de praktijk ondersteunt én belemmert, voerden we interviews met collega’s uit zowel de buitendienst als de binnendienst en organiseerden we observatiedagen op verschillende vestigingen. De inzichten die dit opleverde, vertalen we samen met de andere deelnemers naar concrete interventies. Deze lessen delen we vervolgens binnen de branche, zodat niet alleen wij, maar de hele technische sector hiervan kan leren.
Toegankelijkheid en iedereen welkom laten voelen, elke dag opnieuw
Daarnaast verbeterden we de fysieke toegankelijkheid van onze kantoren en pasten we onze website aan, zodat taal en uitleg voor iedereen begrijpelijker werd. Het netwerk Breman voor Iedereen dat zich focust op diversiteit en inclusie op de werkvloer groeide verder en bracht collega’s bij elkaar, bijvoorbeeld met een themabijeenkomst over generatieverschillen. Deze bijeenkomst zorgde voor een open gesprek waarin collega’s meer begrip kregen voor elkaars ervaringen. Die aanpak is bewust praktisch en dichtbij. Marleen Breman, van Sociaal Maatschappelijke Impact, verwoordt het zo: “Het gaat niet om eindeloos beleid schrijven, maar om doen. Kleine stappen zetten in de praktijk, en die stap voor stap groter maken.” Daarmee blijven onze kernwaarden dagelijks voelbaar op de werkvloer.
Tegelijk vraagt de organisatie nog ontwikkeling: beleid, processen, data en KPI’s moeten verder worden aangescherpt zodat we gerichter kunnen sturen en zichtbaar maken wat al generaties vanzelfsprekend is.
Wat in 2025 werkte én wat we leerden
Genderdiversiteit binnen Breman
2025
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Indicator | 2025 |
|---|---|
| Aantal vrouwen van het totaal aantal collega's | 269 |
| Aantal mannen van het totaal aantal collega's | 1.448 |
Totaal aantal collega's per 31 december 2025: 1.717. Deze indicatoren horen bij VSME B8 39 (b).
2024
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Indicator | 2024 |
|---|---|
| Aantal vrouwen van het totaal aantal collega's | 237 |
| Aantal mannen van het totaal aantal collega's | 1.357 |
Totaal aantal collega's per 31 december 2024: 1.594. Deze indicatoren horen bij VSME B8 39 (b).
We hebben op dit moment nog geen volledig beeld van: het aantal collega's die zich niet identificeren als man of vrouw en het aantal collega's die geen informatie hebben verstrekt over hun genderidentiteit. Deze informatie wordt nu nog beperkt geregistreerd. Met het nieuwe HR-systeem leggen we dit voor nieuwe instroom vanaf eind 2025 wél zorgvuldig vast. In 2026 bepalen we welke extra stappen nodig zijn om dit ook voor bestaande collega’s compleet te maken.
| Indicator | 2025 | 2024 | Referentie |
|---|---|---|---|
| Diversiteitsratio alle medewerkers – % vrouwen | 19% | 18% | Vrijwillig |
| Diversiteitsratio bestuursorganen* – % vrouwen | 7% | 6% | VSME C9 65 |
| Diversiteitsratio managementfuncties – % vrouwen | Onbekend | Onbekend | VSME C5 59 |
Binnen Breman zien we dat onze cultuur van zorgen voor elkaar en gelijkwaardigheid al jarenlang richting geeft aan hoe we samenwerken. Dat zien we ook terug in de cijfers. Ze laten vooral zien hoe onze organisatie historisch is opgebouwd en welke keuzes in de praktijk lange tijd vanzelfsprekend waren, zonder dat daar altijd bewuste sturing achter zat. Tegelijkertijd bevestigen de resultaten dat we nog onbenutte kansen hebben om onze ambities beter waar te maken. Dat geldt bijvoorbeeld voor het aandeel vrouwen in technische functies. Daarom onderzoeken we actief hoe we vrouwen beter kunnen behouden én aantrekken. Dat doen we onder andere via het traject Technisch Gezien.
Daarom bepalen we in 2026 voor alle lagen van de organisatie duidelijke doelen en streefcijfers, zodat we gerichter kunnen werken aan een evenwichtigere vertegenwoordiging. De evenwichtige verhouding in de Raad van Commissarissen (60/40) willen we behouden. In de managementlaag willen we op termijn groeien naar meer balans, met als richtinggevende ambitie ongeveer 15% vrouwen in de subtop. Voor de groepsdirectie nemen we deze thema’s expliciet mee in de verdere beleidsvorming, zodat ook daar een brede en gezonde afspiegeling ontstaat.
Voor managementfuncties geldt dat de data over 2024 en 2025 nog niet volledig beschikbaar zijn. In 2026 leggen we deze functies eenduidig vast in het HR-systeem en verbeteren we onze dataprocessen. Daarmee kunnen we dit onderdeel voortaan betrouwbaar en structureel volgen. Dit is een belangrijke stap om onze voortgang goed te kunnen meten.
Overzicht verdeling in leeftijd binnen Breman
2025
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Categorie | 2025 |
|---|---|
| 15-24 | 153 |
| 25-34 | 379 |
| 35-44 | 403 |
| 45-54 | 411 |
| 55-64 | 319 |
| 65+ | 52 |
2024
Bovenstaande grafiek in tabel-vorm:
| Categorie | 2024 |
|---|---|
| 15-24 | 138 |
| 25-34 | 340 |
| 35-44 | 384 |
| 45-54 | 375 |
| 55-64 | 312 |
| 65+ | 45 |
Bij Breman werken meerdere generaties collega’s samen. Deze verdeling laat zien hoe ervaring en nieuwe inzichten elkaar versterken. We sturen niet actief op een specifieke leeftijdsopbouw, maar hechten waarde aan samenwerking en leren tussen generaties.
Zo maken we meedoen vanzelfsprekend voor de hele organisatie
We bouwen de komende jaren verder aan een werkplek waar iedereen zich welkom voelt en mee kan doen. Begin 2026 deden we als onderdeel van Technisch Gezien een cultuurscan, om beter te begrijpen welke drempels vrouwen in de techniek ervaren en welke stappen helpen om hen te behouden en te werven. Uit de cultuurscan kwam naar voren dat we veel inclusief gedrag zien.
Tegelijk zijn er duidelijke verbeterpunten, zoals de heersende ideal‑worker‑norm (voltijd, altijd beschikbaar) en onbewuste aannames dat je je “mannetje moet kunnen staan” in de techniek. Dit soort beelden maken instroom en doorgroei voor vrouwen moeilijker, zeker wanneer zij zorgtaken hebben. In 2026 volgen co‑creatiesessies waarin we met alle partners sociale interventies ontwerpen die passen bij onze praktijk. Daarnaast werken we breder aan een omgeving waar collega’s zichzelf kunnen zijn en gelijke kansen krijgen. We verbeteren onze data, werken met duidelijke streefcijfers en KPI’s en leggen deze onderwerpen steviger vast in onze HR‑processen zoals werving en selectie.
2.2.2 Cultuur die je elke dag beleeft
Wat doe je als monteur wanneer je na een klus terugloopt naar je bus en een briefje onder je ruitenwisser vindt? Niet zomaar een briefje, maar dit:
“Dag meneer van Breman, kunt u onze ketelcontrole ‘naast’ uw werk doen?
Beunen/zwart, handje contantje? Geheel vrijblijvend."
Onze collega hoefde niet lang na te denken. Hij nam de klus níet aan. Hij koos ervoor om het verhaal in zijn team te delen. Dát ene moment laat precies zien hoe onze cultuur werkt na honderd jaar vakmanschap: we kiezen bewust, we houden elkaar scherp en we doen het goede. Juist wanneer niemand kijkt.

Wat al generaties lang vanzelfsprekend is
Sinds de oprichting van Breman in 1925 werken we vanuit duidelijke waarden. Samen verantwoordelijkheid nemen, zorgvuldig omgaan met mensen en middelen en doen wat juist is, ook als niemand kijkt. Wat al decennialang vanzelf ging, is in 2018 vastgelegd in de Bedrijfscode. Daarin staan onze kernwaarden: dienend leiderschap, rentmeesterschap, gedeelde verantwoordelijkheid en lokaal ondernemerschap. Een verwoording van hoe we altijd al werkten.
Zo maakten we cultuur tastbaar in 2025
In 2025 stonden we nadrukkelijk stil bij hoe we met elkaar omgaan en hoe we samenwerken. De Bedrijfscode vormt hierbij een belangrijk fundament. In deze code beschrijven we wat we binnen Breman verstaan onder integer, veilig en respectvol handelen. De code gaat in op het naleven van wet- en regelgeving, eerlijk en verantwoord zakendoen en zorgvuldig omgaan met elkaar, elkaars eigendommen en informatie. De code geldt voor alle collega’s binnen Breman én voor de partners met wie wij samenwerken. Zo maken we duidelijk welk gedrag we van elkaar verwachten, intern en extern.
Naast collega's, kunnen ook leveranciers en andere externe partijen, naast de Bedrijfscode, een beroep doen op de regeling Tegengaan ongewenst gedrag. Daarin staat welk beleid wij hanteren en hoe we zorgen dat meldingen kunnen worden gedaan. De informatie over verantwoord handelen is openbaar beschikbaar via onze website, zodat iedereen kan zien waar wij voor staan.
In 2025 hebben we de Bedrijfscode actief besproken binnen de organisatie. De code werd eerst behandeld in de groepsdirectie, daarna met vestigingsdirecteuren en steeds vaker ook in teams. Met een speciale toolbox gingen in korte tijd enkele honderden collega’s met elkaar in gesprek over herkenbare praktijksituaties en dilemma’s. Zoals bestuursadviseur Teun van der Wal het verwoordt: “Het gaat er om dat je het gesprek voert en keuzes deelt. Juist in die dagelijkse afwegingen zie je of cultuur echt leeft." Zo blijft de Bedrijfscode geen document op papier, maar een leidraad voor ons dagelijks handelen.
Tegelijkertijd hebben we nog niet alle collega’s bereikt met de Breman Bedrijfscode en ontbreekt een vaste, organisatiebrede manier om structureel te volgen hoe onze bedrijfscultuur wordt ervaren. Het medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) helpt ons daarbij, maar geeft nog geen volledig en doorlopend beeld.
Een jaar van leren en sterker worden
| Thema | 2025 | 2024 | Benchmark branche | Referentie |
|---|---|---|---|---|
| Vastgestelde incidenten discriminatie & mensenrechten | 0 | 0 | N.v.t. | ESRS S1-17 |
| Medewerkersbevlogenheid (gemiddelde van 4 kernvragen) | 7,7 | 7,6 | 7,7 | Vrijwillig |
Het aantal vastgestelde incidenten rond discriminatie en mensenrechten bleef in 2024 en 2025 op nul. Deze cijfers vragen om nuance. We merken op dat situaties vaak informeel worden besproken en opgelost, bijvoorbeeld met de leidinggevende of een vertrouwenspersoon, en niet altijd als incident worden vastgelegd. Dat vraagt om verdere aandacht in onze manier van registreren en leren.
Medewerkerstevredenheidsonderzoek
Om inzicht te krijgen in hoe onze collega's het werken bij Breman ervaren, nemen we jaarlijks een medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) af. De uitkomsten van 2025 geven ons een scherp beeld van hoe mensen het werk beleven, waar we groeien en waar nog aandacht nodig is. De medewerkersbevlogenheid steeg licht naar 7,7. Deze score is gebaseerd op vier onderdelen die samen laten zien hoe collega’s hun werk beleven: plezier in het werk, energie krijgen van het werk, trots zijn op Breman en het gevoel hebben dat je bij Breman past. De stijging laat zien dat collega’s zich steeds meer verbonden voelen met hun werk en met de organisatie. Tegelijkertijd is onze ambitie voor 2030 (8,5) hiermee nog niet in zicht. Dat benadrukt dat het gesprek over waarden en gedrag wel op gang is, maar dat het dagelijks leven volgens onze Bedrijfscode nog niet overal even sterk wordt ervaren. Bouwen aan een gezonde bedrijfscultuur kost tijd. De uitkomsten van 2025 bevestigen dat we op de goede weg zijn, én dat blijvende aandacht nodig is om onze kernwaarden elke dag, in elke vestiging, tot leven te brengen.

Hoe we blijven bouwen aan onze bedrijfscultuur
De komende jaren bouwen we verder aan een bedrijfscultuur die niet alleen wordt vastgelegd, maar dagelijks wordt beleefd. We werken er stap voor stap naartoe dat alle collega’s de Breman Bedrijfscode kennen en toepassen, met leidinggevenden die daarin zichtbaar het goede voorbeeld geven. Tegelijkertijd weten we dat dit tijd kost en dat we nog niet overal even ver zijn.
Daarom blijven we het gesprek voeren over gedrag en dilemma’s en werken we toe naar een structurele manier om te leren van ervaringen, zaken te monitoren en waar nodig gericht bij te sturen. Want een gezonde bedrijfscultuur ontstaat niet in één jaar, maar groeit elke dag door er samen actief mee aan de slag te gaan.
2.2.3 We zetten ontwikkeling centraal
In ons jubileumjaar werd ontwikkeling steeds meer onderdeel van het dagelijks werk. We maakten leren zichtbaar met concrete stappen, zoals de start van onze interne mbo‑opleiding, het aanbieden van NT2‑taaltrainingen en de uitbreiding met warmtepomptrainingen die direct aansloten op wat vestigingen nodig hadden. En de start van het leiderschapsprogramma Energiepositief Leiderschap bracht voor het eerst een groep leidinggevenden uit verschillende vestigingen samen. Zo vond leren zichtbaar plaats: dicht bij de praktijk en midden in ons vakmanschap.
Wat honderd jaar vakmanschap ons nog steeds leert
Al sinds 1925 leren we het vak vooral in de praktijk. Nieuwe monteurs groeiden op via het meester‑gezelmodel, waarin kennis stap voor stap werd doorgegeven. In 1978 kreeg dat samen leren een vaste plek in de eerste bedrijfsschool in Genemuiden. Vanaf 1990 groeide deze uit tot een professionele leeromgeving met eigen leergangen en vertrouwde praktijkopleiders zoals Jan Klumper.
Bij de verhuizing naar Zwolle vonden we op het voormalige Philipsterrein een ruwe, industriële plek vol achterstallig onderhoud. Leon Hofman, toen voorzitter en later manager van de bedrijfsschool vanuit Centrale Diensten, zag er juist mogelijkheden: een Academy waar leren en ontmoeten samenkomen, ook voor collega’s uit verschillende onderdelen van Breman. Een plek die verbinding vanzelf laat ontstaan.
Omdat nieuwe technieken niet altijd direct hun weg vinden in het onderwijs, nemen we zelf het voortouw met praktijkgerichte opleidingen, zoals warmtepomptrainingen. Want ons enthousiasme voor het vak reikt verder dan onze eigen organisatie. Met diezelfde motivatie dragen we bij aan initiatieven zoals de Vakmanschapsroute van WijTechniek en Switch naar Techniek.
Inmiddels telt de Academy drie locaties: Zwolle, Drunen en Rotterdam. Het centrale plein van de Zwolse Academy draagt de naam van Jan Klumper. Zo blijft honderd jaar vakmanschap voelbaar en dienen we als inspiratie voor andere installateurs.

De oude bedrijfsschool in Genemuiden versus de huidige Breman Academy.
Zo maakten we ontwikkeling zichtbaar in 2025
In 2025 zetten we met de Breman Academy een belangrijke stap in onze aanpak voor Een Leven Lang Ontwikkelen met de introductie van het leiderschapsprogramma Energiepositief Leiderschap. In dit programma werken leidinggevenden aan coachend leiderschap, samenwerken, feedbackcultuur en het stimuleren van vakmanschap binnen hun teams.
Daarnaast professionaliseerden we onze HR‑jaarcyclus met een vaste structuur voor resultaat‑ en ontwikkelgesprekken, talentreviews en opleidingspaden. Ook selecteerden we een nieuw leermanagementsysteem (LMS), waarmee we ontwikkeling beter kunnen volgen en ondersteunen.
Onze vier beloftes aan iedereen die bij Breman Academy leert
- We ondersteunen een leven lang leren
Opleidingen worden aangeboden op het moment dat ze nodig zijn in het werk, zodat collega’s het geleerde meteen kunnen toepassen in de praktijk. - We bieden voor iedereen de juiste training
Iedere collega krijgt een passend leertraject, afgestemd op kennis, ervaring en werkzaamheden. De volgorde en inhoud sluiten aan op de praktijk. - We leiden (vak)kundig op
De focus ligt op kennis en vaardigheden die nodig zijn in het werk. Certificering is belangrijk, maar de Academy gaat verder dan het ‘papiertje’: wat geleerd wordt moet nuttig en toepasbaar zijn in de dagelijkse praktijk. - We maken leren aantrekkelijk
Onze leermethodes zijn praktijkgericht, afwisselend en laagdrempelig, zodat leren altijd aansluit bij het dagelijks werk: op de werkplek, online of bij onze Academy

“Leven Lang Ontwikkelen is onze route. Niet omdat het hip is, maar omdat techniek blijft veranderen. Het zijn dezelfde mensen die vandaag het werk doen, die we ook op de lange termijn duurzaam willen blijven inzetten.”
Mike Louis, Manager Breman Academy
Wat dit jaar werkte en wat we ervan leerden
De cijfers hieronder laten zien hoe collega’s in 2025 hebben geleerd en hoe we ons vakmanschap blijven versterken. Ze geven een eerlijk beeld van waar we staan: wat groeit, wat stabiliseert en waar we nog stappen te zetten hebben. Deze inzichten vormen samen de basis voor onze aanpak voor Een Leven Lang Ontwikkelen zodat collega’s duurzaam inzetbaar blijven en elke dag bijdragen aan de kwaliteit van ons werk.
| Indicator | 2025 | 2024 | Referentie |
|---|---|---|---|
| Gemiddeld aantal interne opleidingsuren per collega – mannen | 9 | 10 | VSME B10 42 (d) |
| Gemiddeld aantal interne opleidingsuren per collega – vrouwen | 3 | 3 | VSME B10 42 (d) |
| Gemiddeld aantal interne opleidingsuren per collega | 8 | 9 | Vrijwillig |
| Indicator | 2025 | 2024 | Referentie |
|---|---|---|---|
| Gemiddeld aantal interne opleidingsuren per actieve deelnemer – mannen | 25 | 31 | Vrijwillig |
| Gemiddeld aantal interne opleidingsuren per actieve deelnemer – vrouwen | 9 | 12 | Vrijwillig |
| Gemiddeld aantal interne opleidingsuren per actieve deelnemer | 22 | 29 | Vrijwillig |
In 2025 nam het gemiddelde aantal interne opleidingsuren per medewerker licht af. Ook actieve deelnemers volgden gemiddeld minder opleidingsuren. Dit hangt samen met de verhuizing van de Breman Academy Zwolle naar een tijdelijke locatie op het Makersterrein, waardoor er een periode minder trainingen werden gegeven. Omdat het grootste deel van de buitendienst uit mannen bestaat en de meeste trainingen hierop zijn gericht, ligt het gemiddelde aantal opleidingsuren bij mannen hoger dan bij vrouwelijke collega’s.
Externe opleidingsuren zijn nog niet opgenomen, omdat deze nog niet betrouwbaar konden worden geregistreerd. Met de invoering van het nieuwe leermanagementsysteem (LMS) krijgen we vanaf 2026 beter inzicht in zowel interne als externe opleidingsuren. Om toch inzicht te geven in de intensiteit van leren, tonen we daarom ook het gemiddelde aantal interne opleidingsuren per actieve deelnemer van de Academy. De nieuwe HR-jaarcyclus zorgt vanaf 2026 voor gerichtere ontwikkelkeuzes, doordat ontwikkelgesprekken, talentreviews en opleidingspaden eenduidig worden ingericht in de hele groep.
Kerncijfers van de Breman Academy
Het lagere aantal trainingen en het kleinere aandeel maatwerktrainingen in 2025 hangen samen met de verhuizing van de Academy. Het aantal BBL‑trajecten nam juist toe door de uitbreiding van het aantal praktijkbegeleiders, waardoor meer BBL‑leerlingen goed konden worden ondersteund. Deze ontwikkeling past bij de doorontwikkeling van de Academy: een sterker fundament bieden voor leren in de praktijk en het waarmaken van de belofte om vakmanschap generatie op generatie over te dragen.
Groei vraagt om richting: zo kijken we vooruit
In 2026 herijken we het volledige opleidingsaanbod, zodat teamontwikkeling en leiderschap nog beter worden ondersteund. Het leiderschapsprogramma Energiepositief Leiderschap krijgt een vervolg met nieuwe groepen. We richten het nieuwe leermanagementsysteem in, waardoor ook externe opleidingsuren zichtbaar worden, en we maken de Academy herkenbaarder in de vestigingen. Met de invoering van de HR-jaarcyclus verankeren we gesprekken over groei en loopbaan in de hele organisatie. Zo bouwen we samen verder. Op naar de volgende 100 jaar vakmanschap.
2.2.4 Onze arbeidsvoorwaarden: van vitaliteit tot verduurzaming
Iedereen energiepositief. Dat is waar wij elke dag voor opstaan. In 2024 vroegen collega’s ons via het medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) om dat motto ook voelbaar te maken in hun eigen dagelijks leven. Die oproep werd het begin van Energiepositief Leven: onze vitaliteitsregeling die helpt om je energiepeil te verhogen met kleine, haalbare stappen. In 2025 zetten we met Energiepositief Wonen de volgende stap. Want als wij dagelijks de huizen van Nederland verduurzamen, dan hoort het verduurzamen van de woningen van onze eigen collega’s daar vanzelfsprekend bij. Zo geven we samen meer energie terug dan het kost: aan jezelf, aan elkaar en aan de aarde.
De video die met collega's is gedeeld ter promotie van Energiepositief Leven
Onze geschiedenis van samen delen en samen groeien
Tijmen Breman begon met het idee dat je een bedrijf bouwt door goed voor mensen te zorgen. Die gedachte leeft nog steeds: eerlijk delen, samen werken en elkaar helpen als het nodig is. In de jaren zeventig kreeg dat principe zelfs een vaste plek toen we het Breman Systeem introduceerden. Sinds 1972 delen we de helft van onze winst met alle collega’s. En via Brebeleg hebben collega’s al even lang een stukje van het bedrijf in handen, waardoor zij rechtstreeks meedoen én meedelen in de groei van de organisatie.
Van energie in je lijf naar energie in je huis
Een stevige basis voor eerlijk en helder belonen
In 2025 zetten we belangrijke stappen in de basis. Een belangrijke ontwikkeling was het functiehuis en de functiematrix per divisie. Ook zetten we de eerste stappen naar één helder beloningsbeleid en aanvullende arbeidsvoorwaarden voor de hele organisatie. Het functiehuis is met succes ingevoerd. Het gelijktrekken van de arbeidsvoorwaarden is nog in ontwikkeling en krijgt stap voor stap verder vorm. We merken dat verschillen van vroeger tussen vestigingen - in bijvoorbeeld beloning en reistijdvergoeding - nog steeds een rol spelen en dat voelt niet altijd eerlijk. Dat vraagt om duidelijke keuzes en goede uitleg. Daarnaast maakten we met Conscious Contracting onze arbeidscontracten begrijpelijker en menselijker. Minder kleine lettertjes, meer duidelijke taal en vertrouwen.
Hoe we bijdragen aan energie en balans in het dagelijks leven
Energiepositief Leven, gelanceerd in 2024, kreeg in 2025 een vaste plek. Collega's ontvingen automatisch een persoonlijk budget voor sport, gezondheid en ontspanning. We organiseerden challenges om collega's in beweging te brengen. Ruim 1.500 collega's deden actief mee. Zo groeide Energiepositief Leven in 2025 uit van een nieuwe regeling tot een herkenbaar en vast onderdeel van onze arbeidsvoorwaarden en onze manier van goed voor elkaar zorgen.

Zo helpen we collega’s hun woning te verduurzamen, met groeiend inzicht in de impact
Met Energiepositief Wonen geven we collega’s vanaf 2025 ieder jaar een budget om hun eigen huis energiezuiniger te maken. Zo helpen we hen om minder energie te gebruiken, de energierekening te verlagen en bij te dragen aan minder CO₂‑uitstoot. Op die manier combineren we zorg voor onze collega’s met zorg voor de aarde.
Via een speciale webwinkel kunnen collega’s kiezen voor energiezuinige apparaten, zoals wasmachines, vaatwassers, slimme lampen of een elektrische kookplaat. Wie grotere stappen wil zetten, kan gebruikmaken van onze eigen diensten en zo ook installaties in huis verduurzamen.
In 2025 lag de focus op het goed opzetten en toegankelijk maken van deze regeling voor alle collega’s. We weten dat Energiepositief Wonen bijdraagt aan energiebesparing en minder CO₂‑uitstoot in huis. Die effecten kunnen we nu nog niet overal in cijfers laten zien. Wel zien we dat collega’s het budget actief inzetten om hun woning te verduurzamen. Dat geeft vertrouwen en motiveert ons om dit beleid verder te blijven ontwikkelen.
Een eerlijk beeld van 2025: dit ging goed, dit vraagt aandacht
Beloning
Bij energiepositieve arbeidsvoorwaarden hoort ook gelijke beloning. Bij Breman vallen alle collega’s onder een cao en ontvangen zij minimaal het minimumloon. In dit verslag rapporteert Breman voor het eerst het percentage niet‑gecorrigeerde loonverschil tussen vrouwelijke en mannelijke collega's. Dit loonverschil geeft het gemiddelde verschil in beloning weer en houdt geen rekening met factoren zoals functie, leeftijd of arbeidsduur.
In 2025 is de niet‑gecorrigeerde loonverschil afgenomen ten opzichte van 2024. Deze ontwikkeling hangt samen met het toegenomen aandeel vrouwen in de subtop van de organisatie (vestigingsdirectie). Dit is een positief signaal en sluit aan bij onze ambitie om het aandeel vrouwen in de (sub)top verder te vergroten. Hier werken we gericht aan, zoals ook toegelicht in hoofdstuk 2.2.1 Een werkplek voor iedereen.
| Indicator | 2025 | 2024 | Referentie |
|---|---|---|---|
| Percentage collega’s betaald op of boven CAO en/of minimumloon | 100% | 100% | VSME B10 42 (a) |
| Percentage niet-gecorrigeerd loonverschil man/vrouw | 5,2% | 7,9% | VSME B10 42 (b) |
| Percentage niet-gecorrigeerd loonverschil man/vrouw (excl. directie) | 2,3% | 5,4% | Vrijwillig |
| Percentage collega's dat valt onder een CAO | 100% | 100% | VSME B10 42 (c) |
Personeelsverloop
Het personeelsverloop bleef in 2025 met 16% gelijk aan 2024. We sturen hier niet concreet op, maar gebruiken het als aanleiding voor gesprekken over werkplezier en ontwikkeling. Sommige collega's groeien door binnen Breman, anderen kiezen bewust voor een stap erbuiten.
| Indicator | 2025 | 2024 | Referentie |
|---|---|---|---|
| Personeelsverloop | 16% | 16% | VSME B8 40 |
Eerlijk en duidelijk, voor iedereen hetzelfde
Richting 2030 werken we verder aan begrijpelijke en aantrekkelijke voorwaarden voor iedereen. Hiervoor bouwen we verder aan de basis en de verdere uitrol van het functiehuis die we koppelen aan ontwikkeling en beloning. Ook zetten we in op het doorontwikkelen en evalueren van Energiepositief Wonen en Leven. Ons doel is dat iedere collega zich eerlijk behandeld voelt, op elke vestiging en in elke functie. In loon, in voorwaarden en in de manier waarop we meedenken als het even tegenzit.

“Goed zorgen voor de mensen die het werk maken, en mijn vak uitoefenen op een manier die past bij mijn eigen waarden. Dát is voor mij vakmanschap."
Charlotte Otto (HR Business Partner)
2.2.5 Iedere stem telt
Wie terugkijkt op honderd jaar vakmanschap ziet dat het nooit alleen om techniek ging. Wij groeiden omdat we elkaar wisten te vinden. Aan werkbanken, in keukentafelsessies en tijdens projecten waar de druk hoog was. In 2025 sloten we daar naadloos op aan: we brachten mensen samen die het werk kennen, die de gevolgen van besluiten voelen. Geen formele setting, maar gewoon collega’s die met elkaar bepalen wat goed is voor vandaag én morgen.
Al een eeuw lang zeggenschap voor de mensen die het werk doen
Wie het krantenartikel hieronder leest, herkent meteen hoe vooruitstrevend we toen al waren. In de jaren zeventig beschreef Reind Breman het Breman Systeem als “een uniek harmoniemodel”: zeggenschap delen met de mensen die het werk doen. Die gedachte ontstond al in 1925, toen Tijmen Breman zijn bedrijf bouwde op gelijkwaardigheid en vertrouwen. Honderd jaar later zijn we trots dat die lijn recht doorloopt naar hoe we in 2025 samen besluiten vormen.
Verder dan de wet: hoe we collega’s echt betrokken in 2025
Onze manier van samen besluiten gaat verder dan de wet vereist. We betrekken collega's vanaf de eerste ideeën. Via de Vereniging Werknemersbelangen wegen vestigingen én collega's even zwaar. En collega's hebben inspraak op meer onderwerpen dan de Wet op de Ondernemingsraden (WOR) verplicht stelt omdat betere besluiten ontstaan als iedereen meepraat.
In 2025 investeerden we opnieuw in beter overleg. De ondernemingsraadsleden namen deel aan onze landelijke workshopdag, waar we samen oefenden met het voeren van open gesprekken. Daarnaast volgden OR-leden verschillende trainingen. Van gespreksvaardigheden tot verdiepende sessies over de Wet op de Ondernemingsraden (WOR). Door die dagen ontstond iets waardevols: een gedeelde taal en het vertrouwen om lastige onderwerpen niet uit de weg te gaan. Goed meebeslissen begint immers bij elkaar begrijpen en dat is verantwoordelijk vakmanschap in de dagelijkse praktijk.
Onderwerpen die in 2025 langs de OR’en gingen:
- Visie & strategie richting 2030
- Bonus- en winstdelingsregeling
- Herinrichting Preventief Medisch Onderzoek (PMO)
De kerngroep Medezeggenschap 2.0 werkte intussen aan een structuur die beter past bij een organisatie van 1.700 vakmensen. We onderzochten hoe drie lagen (centrale raad, divisieraad en vestigingsraad) elkaar kunnen versterken. In 2026 werken we verder aan vormen die eenvoudiger en duidelijker zijn, terwijl de bedoeling hetzelfde blijft: samen tot goede keuzes komen.
Wat 100% dekking ons vertelt – en wat nog beter kan
| Indicator | 2025 | 2024 | Referentie |
|---|---|---|---|
| Dekking van werknemersvertegenwoordiging (%) | 100% | 100% | ESRS S1-8 |
In 2024 en 2025 waren alle collega's vertegenwoordigd. De stemronde over Medezeggenschap 2.0 liet tegelijk zien dat er zorgen zijn over tijd, expertise en de balans tussen vestiging en groepsbelang. Die signalen nemen we serieus en in 2026 gaan we daarover verder met elkaar in gesprek.

Samen doorbouwen aan medezeggenschap die past bij nu
We werken toe naar een medezeggenschap die duidelijker, eenvoudiger en toegankelijker is voor iedere collega. In 2026 werken we verder aan Medezeggenschap 2.0, versterken we de opleiding en ontwikkeling van OR‑leden en zorgen we voor meer ruimte in tijd en rolverdeling. Zo groeit gedeelde verantwoordelijkheid verder mee met de tijd. Relationeel vakmanschap dat blijft verbinden.




